Rijn, Rembrandt Harmensz van (1606 - 1669)

De Leidse molenaarszoon Rembrandt van Rijn was van 1621 tot 1624 in de leer bij de schilder Jacob van Swanenburgh en in 1624/25 bij de Amsterdamse historieschilder Pieter Lastman. Tussen 1625 en 1631 deelde hij in Leiden zijn werk en atelier met Jan Lievens. In deze periode ontstonden ook zijn eerste historiestukken. Gerard Dou was Rembrandts eerste leerling van 1628 tot 1631.
Eind 1631 vestigde hij zich in Amsterdam, waar hij snel naam maakte als portretschilder o.a. door het groepsportret De anatomische les van dr. Tulp uit 1632. In 1633 kreeg hij zelfs van stadhouder Frederik Hendrik een opdracht voor het schilderen van een reeks passiescènes.
Eind jaren 1650 raakte de meester in financiële problemen door zijn verzamelpassie en zijn te dure huis. Hoewel zijn schilderstijl inmiddels enigszins uit de mode was geraakt, kreeg hij nog belangrijke grote opdrachten als De Staalmeesters (1662) en, voor het nieuwe stadhuis op de Dam, De eed van Claudius Civilis (1661/62).
Een keur van leerlingen doorliep zijn werkplaats onder wie Ferdinand Bol, Carel Fabritius, Govaert Flinck en Aert de Gelder. In 1669 stierf Rembrandt en werd begraven in de Westerkerk te Amsterdam.

- Liggende leeuw, ca. 1650-1652
- Titus aan de lessenaar, 1655


Biografieën